Regionale Energie Strategie (RES)

Verantwoordelijkheden en wettelijke bepalingen

Nederland heeft in 2015 in Parijs ingestemd met een nieuw VN-Klimaatakkoord. De internationale afspraak om de opwarming van de aarde te beperken, is vertaald naar een landelijk Klimaatakkoord. In Nederland zijn 30 regio’s nu op zoek naar mogelijkheden om elektriciteit via wind- en zonne-energie op te wekken en huizen op een duurzame manier te verwarmen. Gemeenten (en provincie) maken de gewenste ontwikkelingen ruimtelijk mogelijk, net als de bijbehorende infrastructuur. Dit gebeurt samen met waterschappen en in overleg met maatschappelijke partners, netbeheerders, het bedrijfsleven en inwoners.

 

De gemaakte keuzes en de projecten die daaruit voortkomen, worden vastgelegd in de Regionale Energie Strategie (RES). De regio’s hebben in oktober 2020 een concept-RES opgeleverd. Op 1 juli 2021 leveren zij de RES 1.0 in bij het Nationaal Programma RES, dat de regio’s ondersteunt bij het opstellen van de RES. Deze RES 1.0 is goedgekeurd door gemeenteraden, Provinciale Staten en de algemeen besturen van de waterschappen. De RES 1.0 is geen eindpunt, maar de start van de uitvoering. Bovendien wordt de RES 1.0 elke twee jaar geactualiseerd (in een RS 2.0 en verder).

 

Achtergrondinformatie

Doel is dat in 2030 alle 30 regio’s samen 35 TWh duurzaam opwekken. In de RES geven ze aan waar en hoe ze dat gaan doen. Ook bieden ze inzicht in de regionale warmtebehoefte en mogelijke duurzame warmtebronnen. Die 35 TWh is niet vrijblijvend. Er is een tijdspad uitgezet waaraan de regio’s zich moeten houden. De rijksoverheid stelt 15 miljoen euro beschikbaar om de regio’s te ondersteunen.

Gemeenten spelen in de RES een cruciale rol. Het zijn immers de gemeenteraden die, net als Provinciale Staten en algemeen besturen van de waterschappen, de RES’en vaststellen. Bovendien moeten de komende jaren de plannen en ambities uit de RES worden verankerd in het vergunnings- en omgevingsbeleid van de gemeenten. Belangrijk is dat gemeenten daarbij draagvlak organiseren, bijvoorbeeld door samen met inwoners locaties voor zonne- en windenergie te ontwikkelen. In het Klimaatakkoord is afgesproken dat voor 1 januari 2025 omgevingsvergunningen voor zon- en windprojecten zijn verleend.

Tools en leeromgeving

Het Nationaal Programma RES heeft de RES-gespreksassistent ontwikkeld: een tool voor factchecking en veel gestelde vragen over de RES, onder andere ook gericht op raadsleden.

Het programma Democratie in Actie heeft een handreiking  opgesteld voor volksvertegenwoordigers om hun positie te bepalen in de RES.

Energieparticipatie.nl is de leeromgeving voor het organiseren van draagvlak en participatie (bijvoorbeeld via lokaal eigendom) in je gemeente.

Het Nationaal Programma RES en Democratie in Actie hebben samen een brochure gemaakt over ‘RES en besluitvorming’, waarin onder andere de rol van gemeenteraden in de RES wordt verduidelijkt.

Het leerplatform voor raadsleden heeft een e-learning over regionale samenwerking. Die gaat dus niet specifiek over de RES, maar over samenwerking binnen regio’s in het algemeen.

 

Inspiratie en praktijkvoorbeelden

De website van het Nationaal Programma RES biedt veel praktijkvoorbeelden die helpen bij het besluiten over en uitvoeren van de RES in je gemeente.

Ook de website van Energieparticipatie bevat praktijkvoorbeelden, met name gericht op draagvlak en participatie van inwoners.

Op de website van de VNG staat een aantal praktijkvoorbeelden van de klimaataanpak van gemeenten.

Interviews en voorbeelden in het magazine Onze Toekomst van het Nationaal Programma RES.

This page as PDF